Ik heb privé en in mijn werk in de thuiszorg een aantal mensen van nabij zien sterven en hoewel dat zeer intensief en indruksvol was, was het vaak ook heel bijzonder. Het was alsof de hemel openging, zo’n bijzondere sfeer ervoer ik soms. Tegelijkertijd hoorde ik mensen om me heen zeggen dat de stervende zo leed. Dat vond ik opmerkelijk, omdat ik regelmatig licht in de ogen van stervende zag. Het lijkt wel alsof er meerdere dimensies aan het stervensproces waar te nemen zijn, dacht ik. Daar wilde ik meer van weten en zo ging ik op onderzoek. Nu wilde ik niet weer in de fout stappen door de visies van anderen klakkeloos voor waar aan te nemen. Dat had ik vroeger te veel gedaan. Ik wilde wel openstaan voor de visies van anderen, maar ik wilde het zelfervaren. Zodoende was het een lange reis om het stervensproces in zijn geheel te doorvoelen en te doorzien.
Na veel gelezen, ervaren en onderzocht te hebben, kom ik nu tot de volgende definitie: Sterven is een geïntegreerd, fysiek, psychisch en spiritueel proces, waarbij de ziel zich stap voor stap losmaakt van het lichaam. Hierdoor trekt het leven zich geleidelijk uit het lichaam terug en zijn de fysieke en psychische verschijnselen een uiting van, of ondersteunend aan schonings- en loslatingsprocessen. Deze zijn het gevolg van het loskoppelen van de ziel en voor haar voorbereiding op de overgang naar en de reis in het hiernamaals. Het ontkoppelingsproces ervaart de stervende als een zeer intensieve en existentiële gebeurtenis omdat bij het loskomen van zijn hechtingen aan dit lichaam ook zijn ‘identiteit (1) ’ als het ware ‘losgescheurd’ wordt. In de loop van dit oergebeuren worden tegelijkertijd de sluiers tussen de fysieke wereld en de geestelijke wereld steeds dunner en kan de stervende glimpen van de geestelijke wereld zien of ervaren. Uiteindelijk is de ziel dan zo ver om over te kunnen gaan en wordt de band met het lichaam doorbroken. Op dat moment blaast de stervende zijn laatste adem uit en zeggen we dat iemand is overleden.
De krachten in het stervensproces (zie afbeelding onderaan)
Ik begon het stervensproces pas echt te begrijpen en te doorvoelen toen ik de verschillende krachten of invloedsferen een plaats kon geven in het gehele proces. Ik ervaar sterven nu als een dynamisch proces waarbij vier invloedssferen of krachten op de stervende inwerken (zie figuur). Deze bepalen de beleving van het stervensproces. Enerzijds spelen er geestelijke krachten die voor de ontkoppeling zorgen en een trekkracht op de ziel uitoefenen, anderzijds is er het persoonlijke proces van de stervende die zich (met de gevolgen van) de ontkoppeling moet verhouden. De persoonlijkheid kan hierbij in verzet gaan, wat de stervensfase langduriger en zwaarder maakt, of zich hieraan overgeven. Daar zoals gezegd de stervende ook tegelijkertijd zo nu en dan glimpen van de geestelijke wereld ziet én allerlei lichamelijke sensaties en ongemakkelijke emoties ervaart, zou je het geheelkunnen voorstellen zoals in de tekening schematisch is weergegeven. Onze identificatie met ons lichaam en zelfbeelden.
Ons hele leven hebben we ons geïdentificeerd met ons lichaam en daarop voortbouwende zelfbeelden. Dit zie je bijvoorbeeld terug in ons spraakgebruik: ‘ik ben dik of ik ben een man’, in plaats van ‘ik heb een dik of mannelijk lichaam’. Dit zie je ook bij lichamelijke aandoeningen en eigenschappen: ‘ik ben verkouden’, ‘ik ben intelligent’, ‘ik ben erg goed in…’ etc. Hetzelfde geldt ten aanzien van ons werk, onze rollen, positie, bezit, rijkdom, etc. Ons zelfbeeld, onze identiteit, is gebaseerd op ons lichaam, onze competenties en prestaties en onze rol en plek in de wereld. Door deze identificatie is er een sluier in ons die ons scheidt van de geestelijke wereld, waardoor we deze in de regel ook niet goed meer kunnen waarnemen. Om deze gehechtheden los te weken, moet dat wel gepaard gaan met zeer intense krachten en processen.
Het emotionele schoningsproces
Dit losweken van de gehechtheden aan ons lichaam en zelfbeeld gaat (mede door de heftige fysieke verschijnselen) gepaard met het omhoogkomen van oude onverwerkte emoties, die opgeslagen zijn in de weefsels van ons lichaam. Dit zijn vaak verdrongen, onaangename emoties en als die weer in het bewustzijn komen, geeft dat de stervende ongemak. Dat kan tot angst of onrust leiden. Als je daarnaast visoenen krijgt van bijvoorbeeld glimpen van het hiernamaals of van overledenen, is het geheel niet altijd makkelijk te bevatten. Zeker als je nooit spirituele ervaringen hebt gehad.
Dat er ook daarom af en toe verwarring of angst kan ontstaan is te begrijpen. Maar als de stervende dit allemaal kan doorstaan, krijgt deze daar diepe inzichten door waardoor de doodstap voor stap aanvaard kan worden en tevens wordt er hierdoor emotionele ballast afgeworpen. Als de stervende zich ten slotte overgeeft aan de dood, kan hij door dit alles een grote stap in bewustzijnsontwikkeling maken. Het gehele proces maakt de ziel klaar voor de overgang en geeft een goede voorbereiding op het hiernamaals. Niet alle onrust is het gevolg van emotionele of spirituele processen. Deze visie, dat het emotioneel-spirituele schoningsproces tot onrust en verwardheid kan leiden, heeft verregaande gevolgen voor de verzorging van de stervende. Alleen…niet alle onrust is (uitsluitend) een teken van een emotioneel-spirituele schoningsproces. Daarom moet je de fysieke processen ook kennen om onnodige onrust te voorkomen.
[1] Onze identiteit is ons zelfbeeld, van waaruit we de wereld zien en benaderen en waar we onder andere onze eigenwaarde aan ontlenen.
